MALI - Sikasso, het groene hart van Mali

MALI - Sikasso, het groene hart van Mali

Individuele bouwsteen Sikasso en Missikoro in Mali

Sikasso

Vanaf € 275

dagen: 3

Reiscode: MLG

Reisinformatie

Landinformatie

Mali Mali

Achtergrondinformatie

Bevolking

Mali heeft een oppervlakte van 1.240.190 km² (30 maal Nederland, 40 maal België). Het land telt ongeveer 12 miljoen inwoners waarvan de meesten langs de oevers van de Niger en in het vochtige zuiden leven. In het noorden is het platteland vrijwel onbewoond. Slecht een kwart van de bevolking woont in de stad. De jaarlijkse bevolkingsgroei is hoog 2,7 procent; bijna de helft van de bevolking is jonger dan 15. Ongeveer 45 procent van de totale bevolking kan lezen en schrijven (40 procent vrouwen en 50 procent mannen). Van de kinderen in de schoolgaande leeftijd volgt slecht 30 procent van de jongens en 20 procent van de meisjes onderwijs. Hoger onderwijs is er alleen in Bamako, universiteiten zijn er niet. Ongeveer 85 procent van de bevolking is voor haar bestaan direct afhankelijk van de landbouw. Naast voedselproductie voor voornamelijk binnenlandse consumptie, richt de landbouwsector zich op de exportproducten mijnbouw (goud), katoen en vlees.
In Mali woont een grote verscheidenheid aan bevolkingsgroepen waarvan de meeste hun eigen identiteit hebben weten te behouden. Opvallend is dat de verschillende groepen in betrekkelijke harmonie met elkaar leven.
In het noorden leven de Toeareg (500.000 in Mali) die in de winter een nomadisch bestaan leiden in de woestijn. In de zomer is daar nauwelijks voedsel voor het vee en trekken ze naar de randen van de Sahara, in Mali naar de noordoevers van de Niger. De Toeareg hebben een blanke, Noord-Afrikaanse oorsprong, maar door gemengde huwelijken met zwarte Afrikanen is de huidskleur van de Toeareg die in de zuidelijke Sahara en de Sahel wonen in de loop der eeuwen steeds donkerder geworden. De taal die ze spreken is Tamashek, een berbertaal met een grote Arabische invloed. De Toeareg zijn van oudsher veehouders, voornamelijk geiten en kamelen. Het dieet van de Toeareg is volledig aangepast aan het leven met vee in de woestijn. Op het menu staat alleen vlees en melk. De Toeareg zijn islamitisch, maar hebben een paar afwijkende kenmerken. Hun vrouwen nemen een belangrijke plaats in de maatschappij in en genieten een grotere vrijheid dan bij de Arabieren. Bij de Touareg zijn juist de mannen gesluierd en de vrouwen niet. De mannen dragen over het algemeen indigoblauwe gewaden, maar de kleuren wit en groen komen ook voor.
De zuidwestelijke en centrale gebieden worden bewoond door Bambara, Bozo en Peul. De Bambara (3 miljoen) vormen de grootste bevolkingsgroep van Mali. Het zijn van oorsprong akkerbouwers die zich vooral tot het telen van gierst beperken. Ze wonen vooral in de omgeving van Bamako en Ségou. De Bozo (150.000) zijn vissers en botenbouwers. Ze wonen voor het grootste deel in kleine dorpen op de oevers van de Niger en de Bani tussen Bamako en Timboektoe. De Bozo zijn niet op basis van hun kleding of sieraden te herkennen. De dorpen zijn doorgaans langgerekt en liggen vaak op dijken. Wanneer de huizen door het wassende water onderlopen, trekken de bewoners naar hogere grond. De moskee is niet altijd afgebouwd, vooral in dorpen waar de ze korter dan een jaar zullen wonen. Nijlpaarden in de Niger vind je vooral in gebieden waar de Bozo wonen omdat ze voor hen heilige dieren zijn en ze er dus niet op jagen. De Peul (1 miljoen) ook wel Fulani of Fula genoemd, leven vooral in en rondom de Nigerdelta en de gebieden ten oosten en westen. Plaatsen waar je de Peul kunt vinden zijn Djenné en Mopti. Peul zijn veehouders en kijken neer op alles wat met akkerbouw of visserij te maken heeft. Ze zullen zich nooit aan zulke agrarische activiteiten ‘bezondigen’. Alle granen, groenten en vis halen ze op de markt. De mannen dragen karakteristieke punthoeden van riet en leer, die eerder Chinees dan Afrikaans aandoen. De vrouwen zijn herkenbaar aan de zwarte rand om de mond en de opvallende sieraden. Ze dragen grote amber kralen in hun haar en op het voorhoofd. Kleine goud ringen door de oren, neus en soms hele serie in een haarstreng over het voorhoofd.
De Dogon (500.000 mensen) zijn wellicht het bekendste volk van Mali. Ze leven langs een steile 200 kilmeter lange kloofwand in het zuidoosten van Mali, de Falaise de Bandiagara. De Dogon leven van akkerbouw. Op de vlakte onder aan de falaise verbouwen ze gierst en sorghum, op het plateau boven de falaise telen ze groenten, vooral tomaten en uien. De Dogon kijken neer op veeteelt en zijn daarmee de tegenpool van de Peul. Toch is er wel vee in de Dogonvallei. Geiten, kippen en soms een kudde koeien. Deze koeien zijn eigendom van de Dogon, maar ze huren Peul in om het vee te verzorgen. Door de geïsoleerde ligging van hun dorpen hebben zij hun oorspronkelijke gebruiken en rituelen in stand kunnen houden en hun gecompliceerde natuurgodsdienst die ver af staat van christelijke en islamitische samenleving, vrijwel volledig behouden.

Communicatie

Luchtpost vanuit Mali naar de Benelux is ongeveer twee weken onderweg, andersom kan het een maand of langer duren.

In Mali kun je internationaal bellen vanuit telefooncellen die werken met telefoonkaarten. Naast deze telefooncellen zit iemand die telefoonkaarten verkoopt. Mobiel bellen is mogelijk vanuit de steden. Op het platteland is vaak geen bereik. Informeer voor vertrek bij je eigen provider naar de mogelijkheden en kosten. Mali heeft geen netnummers. Het internationale toegangsnummer voor Mali is 00223; voor Nederland 0031 en voor België 0032.

Internetcafés zijn er in Mali in de steden en toeristenplaatsen.
 

Eten en drinken

In Mali begint de dag met koffie, thee, stokbrood, boter en jam. Een overblijfsel uit Franse kolonisatie. Lunch en diner bestaan voornamelijk uit vlees of vis met frietjes, sperziebonen of erwten. Salade, spaghetti en rijst met tomaten- of pindasaus staan ook op het menu. Typisch Malinees voedsel is ‘to’, gierstepap die met tomaten- of pindasaus wordt gegeten. In de noordelijke provincies staat vooral couscous op de menukaart. Vegetariërs kent men niet. Meestal laat men het vlees weg of biedt men als alternatief een ei aan. Goedkope en lekkere eetgelegenheden bevinden zich op straat met wat banken eromheen. Je kunt allerlei goedkope gerechten kopen variërend van gefrituurde yamchips, oliebolletjes en bijvoorbeeld poffertjes gemaakt van gierst. Uiteraard mag de gegrilde vis (vooral nijlbaars) niet ontbreken. Als dessert serveert men meestal fruit zoals watermeloen en mango. In Mali kun je beter geen water uit de kraan drinken, overal zijn flessen drinkwater, bier en frisdrank te koop.
In Bamako en de toeristenplaatsen zijn naast de Afrikaanse restaurants ook restaurants met een Europese of Aziatische keuken.

Feestdagen

Mali kent tal van religieuze (christelijk en islamitisch) en nationale feestdagen. Belangrijke nationale en christelijke feestdagen zijn: Nieuwjaar (1 januari); Fête de l’Armée (20 januari); Pasen; Dag van de Arbeid (1 mei); Jour d’Afrique (25 mei); Onafhankelijkheidsdag (22 september); Kerstmis (25 december).

Daarnaast zijn er de islamitische feestdagen die meestal enkele dagen duren. Omdat de islamitische kalender is gebaseerd op het maanjaar, schuiven de feestdagen volgens onze telling ieder jaar tien a elf dagen naar voren. De grootste islamitische feesten zijn de ramadan (van 20 juli - 18 augustus 2012; 9 juli - 7 augustus 2013), het Suikerfeest (19 augustus 2012; 8 augustus 2013) en het Offerfeest (26 oktober 2012; 15 oktober 2013). Op deze dagen is vrijwel alles gesloten.
De ramadan is het belangrijkste islamitische feest. Het feest duurt de hele negende maand van het islamitische jaar en is de vastenmaand. Tijdens deze periode eten, drinken en roken moslims niet tussen zonsopgang en zonsondergang. Vasten is een van de belangrijkste plichten van een moslim. Het driedaagse suikerfeest, Eid al-Fitr, luidt het einde van de ramadan in. Het huis wordt nog een keer gepoetst en de mensen kleden zich zo mooi mogelijk. Iedereen gaat bij elkaar op bezoek om elkaar te feliciteren met een goed volbrachte vastenperiode. Ook de armen krijgen iets extra’s. Met het suikerfeest begint het bedevaartsseizoen naar Mekka.
Het offerfeest, Eid al-Adha, begint op de tiende dag van de laatste maand van het jaar. Ter herdenking van Abraham worden op die dag overal schapen geslacht. Abraham was immers bereid zijn zoon aan God te offeren, maar die verving de jongen op het laatste moment door een schaap.

Bijna elke stad of dorp heeft een jaarlijks festival, een traditionele viering, vaak van een aantal dagen, waarbij allerlei rituelen tot leven komen. Mocht je de kans krijgen zo’n festival bij te wonen, dan moet je dat zeker doen. Helaas is het moeilijk van te voren aan te geven welk festival wanneer plaats vindt. De planning gaat via de traditionele Afrikaanse tijdsrekening die afwijkt van de westerse zonnekalender.

Festival au Desert bij Timboektoe
Het Festival au Desert is een ultieme kans voor een intense kennismaking met de Toeareg, het indrukwekkende nomadenvolk van Mali. Er zijn kamelenraces, mensen in hun prachtigste outfits en uiteraard: muziek! Habib Koite, Salif Keita en Aramata Diakité zijn maar enkele van de fameuze West-Afrikaanse artiesten die in Essakane bij de legendarische stad Timboektoe regelmatig te bewonderen zijn. Een impressie van onze locale agente Simone Kamminga.

We zijn net aangekomen in Essakane, het is een prachtige dag vandaag. Het stof is opgetrokken en de lucht steekt helder blauw af tegen de spierwitte duinen van Essakane. Ik geloof niet dat ik ooit zand heb gezien dat zo wit is. Een prachtige setting voor het festival dat zich hier de komende drie dagen zal afspelen. We zijn een beetje vroeg en de opbouw van het terrein is nog in volle gang. Wat een organisatie zo’n groot festival midden in de woestijn.

Het is even zoeken naar degene die ons onze tenten moet toewijzen, onze gids houdt zich daar mee bezig. Ik loop wat rond en heb de kans om de kamelen die overal staan te herkauwen eens wat beter te bestuderen. Dan komt Oumar op me af. “Ik ben Oumar,” zegt hij. “Dat is mijn kameel. De beste die er is. Vorig jaar heeft hij de prijs gewonnen voor de mooiste kameel van het festival.” Wauw, ik heb er oog voor, ben gelijk op de prijswinnaar afgestapt. Oumar is een echte Toeareg en hij is in vol ornaat. Gehuld in witte en indigo gewaden en een indrukwekkende tulband, dat heet hier een cheche.

“Heb je al eens op een kameel gezeten?” vraagt Oumar. “Eh, nou, niet op zo’n mooie.” “Proberen?” Tien minuten later zit ik op de rug van de mooiste kameel van Timboektoe en omgeving. “Hoe heet deze kameel?” Oumar noemt een naam die ik al weer ben vergeten. Het betekent zoiets als Witte Kameel, maar zo heten alle witte kamelen. Ik doop hem Roi (koning). We maken een tochtje. Ik geniet! Er is geen ander landschap waar ik zo van houd als van de woestijn; de weidsheid, de verlatenheid.

Bij terugkomst wijst Oumar me een andere, veel kleinere kameel aan. “Dat is de winnaar van de kamelenrace van vorig jaar. De snelste kameel van Timboektoe en omgeving. Proberen?” “Uuh…..” Ik zie er maar vanaf, maar prent me de kameel goed in mijn geheugen. Hij heet vast Rode Kameel, kijken of hij morgen weer wint.

Terug op het festivalterrein hoor ik muziek. Het komt uit een grote nomadentent. Ik gluur naar binnen en wordt door een jongetje bij de hand gepakt en naar binnen getrokken. Vrouwen zitten in een groepje te zingen en muziek te maken. Ze spelen de Tindé, een trom die alleen door vrouwen wordt bespeeld. Het bestaat uit een kleine uitgeholde vijzel waarin ook het gierst wordt gestampt met daaroverheen een nat geitenvel. Tijdens het spelen moet het vel nat gehouden worden. De vrouwen sprenkelen er voortdurend water op uit een kalebas. Het is een bijzondere ervaring, de prachtig uitgedoste vrouwen, het opspattende water en de opzwepende muziek. ‘s Avonds blijken deze vrouwen ook op het podium te spelen, prachtig, maar ik koester de bijzondere, intieme sfeer van de muziek in de tent.

In de loop van de dag loopt het terrein vol. Heel veel toeristen natuurlijk, en buitenstaanders uit de Malinese steden, hoogwaardigheidbekleders die met veel tamtam arriveren, maar ook veel lokale bezoekers; niemand wil het festival missen. Wanneer het programma op het podium dan eindelijk begint, moeten we eerst een half uur luisteren naar speeches, reeksen belangrijke mannen (en welgeteld één vrouw) die met naam en toenaam genoemd worden; ik hoop dat ze niemand zijn vergeten te noemen, dat zou heel erg zijn. Dan, eindelijk de muziek!

Er zijn deze, en de twee volgende, avonden veel Malinese groepen en wat buitenlandse. Ik vind de Malinese muziek indrukwekkend. Ze hebben die Europese groepen echt niet nodig op dit festival. De muziek is gevarieerd en van heel hoog niveau. Een aantal van de groepen kende ik al wel, Habib Koite komt natuurlijk regelmatig naar Nederland. Hij speelt hier met de Desert Blues, een combinatie van groepen en stijlen uit alle uithoeken van Mali. Salif Keita is één van mijn favorieten, zijn muziek is bijzonder aanstekelijk en dansbaar, maar het leukste vind ik toch de lokale sterren. Aramata Diakité is een grote ster, maar niet in het buitenland. Ze komt uit het Wassoulougebied in het zuiden van Mali en zingt in de typische stijl uit dat gebied. Je ziet het verschil in reactie van het publiek. Salif Keita is ‘leuk’, maar bij Aramata gaan ze uit hun dak. Dit is een onderbuikgevoel, eeuwenoude geschiedenis, trots.

Ik slaap prima in de traditionele nomadentent die ons uiteindelijk is toegewezen. De volgende dag is er een belangrijk hoogtepunt. De sfeer wordt steeds opgewondener, mensen verzamelen zich op een bepaald punt. Ze staan in rijen langs een soort parcours en staren in de verte, langzaam doemt er een stofwolk op. De eerste kameel van de kamelenrace arriveert onder groot applaus. Ik kijk of ik hem herken, de snelste van vorig jaar. Is het Rode Kameel…, hij is wel rossig…? Geen idee, ik herken ‘m met geen mogelijkheid.

De laatste dag is de prijsuitreiking. Een heel spektakel, een serieuze aangelegenheid, iedereen in vol ornaat, muziek. De winnaars winnen een behoorlijk prijsbedrag, bovendien kan de waarde van een winnende kameel wel verdubbelen. Het was uiteindelijk niet Rode Kameel die had gewonnen en, helaas ook Roi niet, Gele Kameel kwam deze keer als eerste over de streep.

Dogon Festival
Jaarlijks wordt eind december in de Dogonvallei het “Dogon Festival” gevierd in het Malinese Bandiagara. Er worden spectaculaire maskerdansen uitgevoerd, ieder jaar presenteert een ander dorp zich met prachtige, handgemaakte maskers. Deze maskers stellen mythologische en mensenfiguren voor, maar vooral ook dieren zoals een haas, giraffe of antilope. De maskers worden niet op het hoofd vastgebonden, maar ze worden met een houten steeltje door de dansers tussen de tanden geklemd; een goed gebit is dus wel nodig.

Oorspronkelijk werden de maskers getoond aan een vrouw met de naam Satimbé, die bekend is geworden als "Zuster van Maskers." Zij had een ontmoeting met de geesten van de rimboe en bracht de maskers mee naar het dorp. De vrouwen gebruikten de maskers lange tijd om de mannen bang te maken, maar ze werden door de mannen afgepakt en die hebben nu het beheer over deze maskers. De vrouwen zijn volledig buitenspel gezet; ze mogen niet aan een maskerdans deelnemen.

De maskerdansen en hun rituele gebruiken worden uitgevoerd om de voorouders te eren, om hun hulp in te roepen, om een goede oogst te vragen…

Naast deze spectaculaire maskerdansen zijn er ook optredens van andere traditionele en eigentijdse muziek- en dansgroepen. Er zijn zoveel mogelijk van de vele Malinese bevolkingsgroepen vertegenwoordigd.

Al met al is het een leuk, kleinschalig en gemoedelijk festival.

Gewoonten en gebruiken

Het eerste dat je opvalt als je in Mali rondloopt, is de kleurrijke kleding van zowel vrouwen als mannen. Opvallend in Mali zijn de aardkleurige modderdoeken, bogolan. Deze stoffen zijn er met zowel abstracte als figuratieve motieven. Het maken van een bogolan is een ingewikkeld proces, waarbij klei, boomschors en bladeren worden gebruikt. De Malinezen gebruiken bogolans als kleding maar ook als wanddecoratie.
Houd er bij de keuze van je kleding rekening mee dat Mali een overwegend islamitisch land is. In Mali dragen mannen vrijwel nooit een korte broek, dat vinden ze kinderachtig. Ook al is men arm, men zal er alles aan doen om goed gekleed door het leven te gaan. Ze begrijpen dan ook niet dat Europeanen met al hun welvaart er soms zo slecht verzorgd uitzien. Je toont respect voor de bevolking als je fatsoenlijke en schone kleding draagt, dat wil zeggen kleding die de schouders en knieën bedekt en niet al te strak zit.

Begroetingen in Mali zijn hartelijk en uitgebreid. Eigenlijk is het een vraag- en antwoordspel. Standaard vragen zijn: hoe gaat het, hoe heb je geslapen, hoe is het met je gezondheid. Als de ene partij klaar is met vragen, begint de ander. Wanneer je iemand in een lokale taal begroet, kun je het beste met ‘mba’ antwoorden, Bambara voor ja. Bij de groet hoort men een hand te geven. Dit is een slappe hand en niet een stevige westerse handdruk. 

Mocht je uitgenodigd worden om een kop thee te komen drinken dan dien je het hele ritueel uit te zitten, dat wil zeggen: je moet drie koppen thee. Na het eerste of tweede glas weglopen zou zeer onbeleefd zijn. Dit geldt vooral bij de Toeareg.
Word je uitgenodigd om mee te eten, dan kan het voorkomen dat je met z'n allen uit een grote pan eet. Vooraf spoel je eerst je handen met water dat je krijgt aangereikt en dan eet je, met je rechterhand, van het stuk eten aan jouw kant van de pan. De linkerhand wordt als onrein beschouwd omdat je met deze hand je billen afveegt. 

Bij de Dogon gelden speciale regels. Je mag bijvoorbeeld nooit zonder lokale gids erop uittrekken. In en tussen de dorpen bevinden zich tal van heilige, verboden en geheime plaatsen. Betreed je zo’n plaats, dan kan dit problemen veroorzaken.

Klimaat

Mali kent drie seizoenen: de regentijd, de Afrikaanse winter en de warme tijd. Het regenseizoen loopt van juni tot en met september, in die periode valt er meer neerslag dan in Nederland, echter in een korter tijdsbestek. De luchtvochtigheid loopt op tot honderd procent. Ten noorden van de lijn Mopti-Timboektoe-Gao valt weinig neerslag, terwijl de regens in het zuiden en de Sahel regio bijzonder hevig kunnen zijn. De gemiddelde temperatuur ligt tussen de 30º C en 40º C.
De Afrikaanse winter is van oktober tot en met februari. De temperaturen liggen dan iets lager dan in de regentijd, vooral in het noorden waar het ’s nachts kan afkoelen tot rond het vriespunt.
De warme tijd is van maart tot en met mei, de temperatuur kan oplopen tot boven de 45º C. Van december tot en met maart kan een bloedhete woestijnwind, de harmattan, vanuit het noordoosten waaien. Deze wind kan vooral vanwege de stofstormen het openbare leven langer lamleggen.

Klimaattabel:
De vier cijfers die telkens worden genoemd zijn van links naar rechts: de gemiddelde temperatuur in graden Celsius, aantal zonuren per dag, aantal dagen per maand met minimaal 1 mm-neerslag per dag en- de gemiddelde temperatuur van het zeewater (indien van toepassing).

BAMAKO

Maand

T gem

Zon

Neerslag

T w

Januari

 25

 9

 0

    -

Februari

 29

 9

 0

    -

Maart

 31

 8

 1

    -

April

 32

 8

 2

    -

Mei

 31

 8

 7

    -

Juni

 28

 8

 11

    -

Juli

 27

 7

 13

    -

Augustus

 26

 6

 16

    -

September

 27

 7

 13

    -

Oktober

 28

 8

 5

    -

November

 27

 9

 0

    -

December

 27

 9

 0

    -

Landschap

De noordelijke helft van Mali ligt in de Sahara en is vrijwel onbewoonbaar. Door langdurige droogten, erosie en wind breidt de woestijn zich verder naar het zuiden uit. Veel flora en fauna gaat hierdoor verloren. Richting zuiden gaat de Sahara over in de Sahel, een gebied dat zich kenmerkt door steppe- en savannebegroeiing in de natte periode en half woestijn in de droge periode. In het uiterste zuiden wordt het landschap bepaald door de grote rivieren, de Senegal en de Niger. De Niger vormt een reusachtige binnendelta, die het grootste zoetwaterreservoir van geheel West-Afrika bevat. Vanwege de extreem lange droge seizoen is er in Mali geen grote verscheidenheid aan wild.

Religie

In Mali is sprake van een verscheidenheid aan religies. Naast de islam hangt de bevolking traditionele godsdiensten aan. Volgens de statistieken is in Mali 90 procent van de bevolking moslim, 9 procent hangt een traditionele religie aan en 1 procent is christen.

Veel van de traditionele religies hebben ondanks alle verschillen een aantal gemeenschappelijke kenmerken. Ze geloven in één God, terwijl zij hun voorvaderen beschouwen als bemiddelaars voor God en als beschermers van de levenden. De gave van voorspellen, om onheil te bestrijden en genezing te vorderen. Het belang van bloedoffer, dat zorgt voor de verbintenis tussen mens en bovennatuur. En de overgangsrituelen, die mijlpalen en bijzondere gebeurtenissen markeren: zwangerschap en geboorte, het bereiken van volwassenheid, huwelijk en dood.
De West-Afrikaanse islamitische bevolking is over het algemeen minder streng in de leer dan de Noord-Afrikaanse. Gesluierde vrouwen zie je nauwelijks en het drinken van alcohol is wijd verbreid. De zuiverste vorm van islam zie je bij de woestijnvolken de Touareg en de Moren. Bij alle islamitische volken nemen de maraboets een belangrijke plaats in. Maraboets zijn heilige mannen die als een soort intermediair optreden tussen het volk en Allah. In Mali staan maraboets tijdens het leven in groot aanzien, dit in tegenstelling tot Noord-Afrikaanse landen waar dat pas na hun dood het geval is. Malinese moeraboets houden zich bezig met het voorspellen van de toekomst, het uitspreken van vloeken en het uitvoeren van rituele genezing. De zwarte Malinezen in het zuiden hebben ook animistische trekken. Volgens animisten is alle materie ‘bezield’ en huizen er geesten in ieder mens, dier en voorwerp. Vele honderden geesten wonen in bossen, rivieren en heuvels. Het tevreden stellen van geesten is een integraal onderdeel geworden van het leven. Tatoeages en gezegende amuletten moeten geluk brengen of beschermen tegen kwade invloeden. Wie bezeten is door de duivel of een kwade geest, gaat naar een sjamaan, medicijnman of geestenbezweerder.

Taal

In Mali is Frans de officiële taal, daarnaast spreekt 80 procent van de bevolking Bambara. De meeste mensen ten westen van Mopti hebben Bambara als eerste of tweede taal. Deze taal heeft een relatief makkelijke grammatica, maar kent daarentegen duizenden uitdrukkingen en spreekwoorden. Songhaï wordt hoofdzakelijk in de noordelijke regio tussen Timboektoe en Gao gesproken. De Toeareg spreken Tamachek en soms ook Arabisch. De Dogon gebruiken meer dan veertig dialecten.

Woordenlijst Bambara

Hallo
I ni tjee

Hallo (antwoord)
M baa, i ni tjee (man)
M see, i ni tjee (vrouw)

Hoe gaat het met u?
I kaa kehneh (wah)?

Het gaat goed
Tohroh si tee

Tot ziens (als u zelf blijft)
Kan boe foo

Antwoord op 'tot ziens'
Oe naa mehn

Dank u
I ni tjee

Alstublieft (dringend verzoek)
S'il vous plaît

Ja/ nee
Ohwoh!/ aj!

Prima/oké
Aa kan jie

Hoe heet u/jij?
I tohkow?

Goedemorgen
I ni sohgohma

Goedemiddag (tot 16.00 uur)
I ni tillee

Goedemiddag (na 16.00 uur)
I ni woellah

Goedenavond
I ni soe

Antwoord op deze groeten:
M baa + herhaling groet (man)
M see + herhaling groet (vrouw)

Ik ga naar ...
Nuh beh taa ...

Waar is ...?
... beh mi?

Huis/hotel
Soo/ otelli

Postkantoor/ busstation
Biro de post/ bus gari

Vandaag/gisteren/morgen
Bi/ koenoen/ sini

Drinkwater
Mienniedji

Bier (traditioneel)
Dohloo

Bier (pils)
Bière (Frans)

Brood
Boeroe

Rundvlees/ kippenvlees
Miesie sohgoh/ sjeh sohgoh

Onderhandelen in het Bambara kan heel voordelig zijn. In het Bamabara rekent men in stuivers (drohmeh), maar in het Frans in Francs CFA. Van oudsher had het kleinste muntstuk dat in omloop was namelijk een waarde van vijf francs. Een (killin) betekent dan ook ‘een munt van vijf francs’

1 (of 5 F CFA) = killin
2 (of 10 F CFA) = fila
3 = saba
4 = naani
5 = doeroe
6 = wohroo
7 = wohroon wilah
8 = seeki
9 = koonontoo
10 = tan
20 (of 100 F CFA) = moekan
30 = bi saba
40 = bi naani
100 (of 500 F CFA) = kehmeh
1000 (of 5000 F CFA) = waa

en = ani

1120 (of 5600 F CFA) = waa kilin ani kehmeh kilin ani mugan

Praktische informatie

Ambassades

Consulaat van Mali in Nederland
Achillesstraat 290, 3054 RL Rotterdam
T +31 (0)10 461 5350
F +31 (0)10 418 6464

Ambassade van Mali in België
Molièrelaan 487, 1050 Brussel
T +32 (0)2 345 74 32
F +32 (0) 2 344 57 00
I http://www.amba-mali.be

Nederlandse ambassade in Mali
Rue 437, Hippodrome, Bamako
T +223 2021 5611
F +223 2021 3617
E bam@minbuza.nl
I www.mfa.nl/bam

Belgisch Ereconsulaat Bamako 
Avenue de la Marne - Hotel Laico Amitié, Bamako 
T +223 20225144
F +223 20229881
E bamako@diplobel.be
 

Bagage en kleding

We adviseren je om de bagage mee te nemen in een rugzak of in een weekendtas. Een koffer raden we sterk af voor onze reizen omdat een koffer vaak moeilijk op te bergen is. We adviseren je om, naast je dagruzak, een extra tas mee te nemen voor de bagage die je achterlaat in Sevare tijdens de Dogontrektocht. We raden je aan om maximaal 12?kilo bagage mee te nemen.

Wat betreft je kleding raden we je aan om praktische kleding mee te nemen die zich makkelijk laat combineren (laag over laag). We vragen je dringend om in je kledingkeuze respect te tonen voor de lokale cultuur/religie. In landen met een aanzienlijke moslim-bevolking dien je je te houden aan de lokale kledinggewoonten. Mocht je twijfelen of nog vragen hebben, neem dan gerust contact op met ons kantoor.

Denk verder bij het samenstellen van je bagage bijvoorbeeld aan wandelschoenen met een goed profiel, een warme trui- en windjack (november t/m februari), zaklamp, waterfles, naaigerei, wasmiddel, dagrugzak, reis- en taalgids (Mali is Franstalig), oordopjes, opblaaskussen, voldoende fotomateriaal, lakenzak (juli t/m oktober), slaapzak voor de Dogonvallei (november t/m februari), een slaapmatje voor de Dogon-vallei, toiletartikelen, badslippers, zwemkleding, regenkleding (juli t/m oktober), handdoeken, wekker, schrijfgerei, tampons (moeilijk verkrijgbaar), reserve batterij voor je camera, petje, een bril naast je lenzen i.v.m. het stof, schaartje en een zakmes.

Mali is een malariagebied. Een klamboe is derhalve ten zeerste aan te raden. Veel hotelkamers zijn voorzien muskietengaas en een ventilator. De ervaring leert dat er met toch nog muggen in de kamers aanwezig zijn. Alternatief is een muggenspray die in de meeste hotels aanwezig is.
 

Electriciteit

De netspanning in Mali is 220-240 volt. Stopcontacten zijn hetzelfde als in Nederland of België. Er doen zich echter regelmatig stroomstoringen voor en niet overal stroom is er stroom zoals in de Dogonvallei. Reservebatterijen en een zaklamp zijn zeker handig om mee te nemen.

Fooien

In Europa wordt het geven van fooien in de meeste gevallen gezien als een blijk van waardering, een extraatje als dank voor geleverde diensten. In een land als Mali gaat het echter om méér dan een extraatje: de fooi is voor mensen die werkzaam zijn in het toerisme een onmisbare aanvulling op een laag lokaal salaris. Deze mensen zijn in veel gevallen ongeschoold of laaggeschoold. Werk in de toeristensector is vaak seizoensgebonden, en salarissen worden alleen uitbetaald over de gewerkte periode. Bovendien is de kans groot dat er een hele familie moet leven van een inkomen uit toerisme. Een fooi komt dus meestal rechtstreeks in handen van mensen die het hard kunnen gebruiken en hun achterban profiteert mee.
Veel mensen bieden hun diensten aan om iets bij te verdienen variërend van koffers dragen, brood halen en de weg wijzen. Het personeel in hotels en restaurants is in belangrijke mate aangewezen op neveninkomsten. Wanneer de bediening niet is inbegrepen kun je uitgaan van tien procent fooi. Met taxichauffeurs maak je voor vertrek een prijsafspraak en een taxichauffeur hoef je na de rit normaalgesproken geen fooi te geven. Bovendien zal hij de obruni (blanke) toch al meer laten betalen dan landgenoten.

Mogelijk word je aangesproken door kinderen die vragen om pennen, ballonnen of geld. Ga hier niet op in, het werkt opdringerig gedrag in de hand. Door in te gaan op de vraag om kadootjes te geven help je zeker om het fenomeen in stand te houden, en dus ook om het idee in stand te houden dat toeristen niet met hetzelfde respect benaderd hoeven te worden als de lokale bevolking. Bovendien kunnen onderlinge verhoudingen verstoord worden: het kan – buiten het gezichtsveld van de gever – soms leiden tot ruzies en conflicten. Het kortdurende gevoel een kind blij te maken weegt niet op tegen de negatieve lange-termijn effecten. Als je kinderen echt wilt helpen kun je beter een erkende ontwikkelingsorganisatie of een lokaal ontwikkelingsproject steunen.

Fotografie

Mali is een kleurrijk en fotogeniek land, fotograferen is echter moeilijk door het harde zonlicht. De beste tijd om foto’s te maken is vroeg in de ochtend of rond zonsondergang.
Wees terughoudend met het fotograferen van biddende mensen en stalletjes waar ze fetisjen verkopen, zoals allerhande onderdelen van dieren die worden gebruikt voor de magie, religie en geneeskunst. Als je mensen wilt fotograferen, doe het dan met respect. Mensen staan er immers niet op te wachten om slechts als foto-object te dienen. Neem dan ook de tijd om een foto te maken en toon belangstelling, bijvoorbeeld door iemand eerst te begroeten en een praatje te maken. Het werkt vaak ook ontwapenend als de digitale fotograaf laat zien wat er op het beeldschermpje te zien is. Vraag mensen altijd eerst om toestemming als je ze wilt fotograferen. Dat kan soms ook zonder woorden: door de camera omhoog te houden en met gebaren duidelijk te maken dat je een foto zou willen maken. Een positieve of een afwerende reactie is meestal eenvoudig herkend. Respecteer het als mensen liever niet gefotografeerd willen worden en blijf vriendelijk. Mensen kunnen hele goede redenen hebben om niet gefotografeerd te willen worden. Mensen kunnen zich afvragen wat er met hun afbeelding gebeurt. Soms spelen religieuze motieven een rol: men denkt dat er met een foto een stukje van de ziel wordt ontnomen. Anderen willen liever niet tijdens het werk, ongewassen of in vieze kleren op de foto. Sommige vrouwen houden er niet van om gefotografeerd te worden door vreemde mannen. Het kan ook gebeuren dat mensen alleen tegen betaling op de foto willen, zoals in de Dogonvallei. Respecteer deze voorwaarde en ga in een dergelijk geval niet van een afstand stiekem fotograferen. Dit is onfatsoenlijk en kan aanleiding geven tot agressieve reacties.

Het is ten strengste verboden om foto’s te maken van: bruggen en dammen, radiostations, vliegvelden, vliegtuigen, politiebureaus, kazernes, ministeries, postkantoren, bus-, trein- en taxistations, voertuigen en personen van het leger en de politie.
Neem vooral voldoende reservebatterijen mee op reis. Niet alle soorten batterijen voor camera's zijn verkrijgbaar en elektriciteit is niet overal aanwezig. 

Een handig boekje over reisfotografie is: ‘Fotograferen onderweg' van Frank Muller. Ben je van plan om digitaal te fotografen, dan is ‘Digitaal fotograferen zonder handleiding’ van Peter de Ruiter aan te raden. Ook op www.digitaalopreis.nl vind je de nodige tips en adviezen.

Tweedaagse fotocursus
Fotografie neemt een belangrijke plaats in voor veel reizigers. Het is fantastisch magische momenten, contacten met mensen, prachtige monumenten en bizarre situaties vast te leggen. En ze vervolgens bij thuiskomst als een blijvende herinnering in te plakken, aan de muur te hangen of te verspreiden via het internet. Koning Aap organiseert enkele keren per jaar een tweedaagse fotocursus waarin zowel een inleidende technische- als een beeldende kant zit. Voor meer informatie klik hier.

Geldzaken

De munteenheid in Mali is de West-Afrikaanse franc (CFA = Communauté Financière Africaine) die weer onderverdeeld is in 100 cent. Er zijn biljetten van 10.000, 5000, 2000, 1000 CFA en munten van 500, 250, 200, 100, 50, 25, 10, 5 en 1 CFA. Voor een euro ontvang je 655 CFA (oktober 2011). Kijk voor een actuele wisselkoers op: www.mijnwisselkoers.nl

Contante euro’s (biljetten) kun je wisselen bij banken in de grotere steden en in luxe hotels. Let er op dat je nieuwe, onbeschadigde biljetten meeneemt; anders worden ze niet geaccepteerd. Creditcards worden heel beperkt geaccepteerd. Alleen in sommige grote hotels kun je er soms mee terecht (met een VisaCard, niet met American Express). Contant geld opnemen met creditcards gaat erg moeizaam. Pinautomaten zijn in Mali heel schaars. Banken zijn geopend van maandag tot en met vrijdag van 8.30 tot 12.00 uur. 

! Belangrijke info voor Belgen !
Om veiligheidsredenen heeft de Belgische overheid op 17 januari beslist om het gebruik van de bankkaarten met Cirrus / Maestrologo buiten Europa niet langer mogelijk te maken.
Afgezien van een paar uitzonderingen ( te vinden op de website www.febelfin.be) kan je dus op onze reizen je gewone bankkaart / debetkaart niet meer gebruiken en dient er cash geld meegenomen te worden, of een Visa/Mastercard ( kredietkaart).

Sommige banken bieden de mogelijkheid om deze maatregel op te heffen gedurende een maximum periode van 3 maanden ( tijdens dewelke je dus wel buiten Europa met je bankkaart kan betalen) : dit dient voor vertrek bij uw bank aangevraagd te worden.

 

Gezondheidsvoorschriften

Voor Mali bestemming worden vaccinaties beslist aangeraden. Voor de actuele stand van zaken verwijzen we naar www.lcr.nl, de website van het Landelijk Coördinatiecentrum Reizigersadvisering (LCR) dat de richtlijnen uitgeeft voor vaccinaties en preventie van malaria. Reizigers uit België vinden vergelijkbare informatie op www.itg.be, de website van het Instituut voor Tropische Geneeskunde in Antwerpen.
 

Vaccineren bij je thuis!
Bij veel reizen die we aanbieden zijn inentingen tegen de belangrijkste ziekten noodzakelijk. Niet het meest leuke deel van je reisvoorbereiding maar wel onvermijdelijk. Koning Aap heeft in samenwerking met Thuisvaccinatie.nl een oplossing gevonden voor deze vaak tijdrovende klus. In plaats van dat jij naar de GGD of huisarts moet gaan, komt een huisarts bij je thuis op het moment dat het jou schikt om de benodigde inentingen te zetten.

Thuisvaccinatie.nl is een landelijk werkend vaccinatiecentrum (enkel in Nederland). Als je minstens 4 weken voor vertrek contact met hen opneemt, garanderen we dat je gebruik kunt maken van deze unieke service. Een handig alternatief voor de GGD!
Neem een kleine reisapotheek mee met daarin o.a. jodium, pleisters, sterilon en middelen tegen koorts, diarree, verstopping, insectenbeten, zonnebrand en eventueel een middel tegen reisziekte. Denk ook aan een tekentang, thermometer (onbreekbaar), ORS (Oral Rehydration Salts, tegen uitdroging) en vitaminetabletten. Voor de hygiëne op reis o.a. een flesje desinfecteergel (daarmee kun je zonder water en zeep je handen wassen) en ontsmettingsdoekjes. Als je naar een malariagebied gaat, denk dan aan anti-malaria tabletten en een geïmpregneerd muskietennet.

Zorg dat je tijdens de reis het vaccinatieboekje en bloedgroepgegevens bij je hebt. Handig om mee te nemen is het Europees medisch paspoort, een document waarmee je in urgente situaties veel problemen kan voorkomen. Het paspoort is opgesteld in elf talen, waardoor de hulpverlener (in het buitenland) eenvoudig de gegevens van de patiënt, zijn of haar ziekten, aandoeningen en medicijngebruik kan opzoeken. Ook is vermeld wie de behandelende arts is en wie er in dringende gevallen gewaarschuwd kan worden. Het medisch paspoort is onder andere verkrijgbaar bij huisarts en apotheek.

Bij aankomst is het zaak de tijd te nemen om te acclimatiseren. Probeer na aankomst het lokale levensritme over te nemen. Uiteraard voorzover het reisschema dat toelaat. Sta vroeg op, neem tussen de middag een paar uur rust en ga bijtijds naar bed. De straling van de zon in de (sub)tropen is bijzonder sterk. Wees dus voorzichtig met zonnen en zet bij uitstapjes in de volle zon iets op je hoofd. Omdat je in de droge hitte ongemerkt veel vocht verliest, moet je steeds veel blijven drinken en wat extra zout op je eten strooien. Warme dranken zijn over het algemeen beter dan ijskoude. Je maag en darmen worden dan minder belast. Het water uit de kraan kun je beter niet drinken. Flessen gezuiverd drinkwater zijn bijna overal te koop. Mocht je diarree krijgen, let er dan vooral op dat je het extra vochtverlies compenseert: veel (slappe) thee, mineraalwater of eventueel cola zonder prik. Het zouttekort kun je opheffen met ORS (Oral Rehydration Salts) of bouillon. Het heeft geen zin bij buikloop te vasten. Door niet te eten geef je je maag en darmen wel rust, maar verzwakt je lichaam nog meer.
Lees voor meer informatie het boekje ‘Hoe blijf ik gezond in de Tropen’ (uitgave KIT) of kijk op internet, zie onder andere: www.gezondopreis.nl.

Invoerbepalingen

In Mali mag je per persoon 200 sigaretten, 25 sigaren of 200 gram tabak en 1 liter alcohol belastingvrij invoeren. De uitvoer van antiek is verboden. 

Tevens geldt er een uitvoerverbod voor souvenirs die gemaakt zijn van beschermde dier- of plantensoorten. Tot deze soorten behoren onder meer koralen, grote schelpen, (zee)schildpadden, slangen, krokodillen, hagedissen, papegaaien, vlinders, orchideeën en dergelijke. Toch worden er producten aangeboden waarin (delen) van deze bedreigde soorten zijn verwerkt: tassen, riemen, schoenen, sieraden e.d. Let er bij de aankoop van dit soort souvenirs op dat het een geldig CITES-certificaat heeft. Nederland en België zijn aangesloten bij de Washington Conventie (Verdrag over de Internationale Handel in Bedreigde Soorten, afgekort als CITES) en treden streng op tegen overtredingen. Meer informatie over de belangrijkste beschermde soorten met een opsomming van de bekendste ‘foute’ souvenirs vind je op www.wnf.nl/souvenirs of www.minlnv.nl/cites.

Tijdsverschil

In Mali is het in de zomer twee uur vroeger dan in de Benelux. In de winter is dat een uur.

Veiligheid

Mali is voor Afrikaanse begrippen een relatief veilig land. Wel moet je altijd goed op je spullen letten. Vooral in Bamako en op drukke markten zoals in Djenné en Mopti dien je alert te zijn. Ondanks dat in Mali diefstal tot een van de zwaarste misdrijven behoort, lopen hier zakkenrollers rond. Het is verstandig in het donker niet over straat te lopen, neem een taxi als je ’s avonds nog weg wilt. Geld en belangrijke papieren kun je beter op je lichaam dragen, bijvoorbeeld in zakjes aan de binnenkant van je kleding of in een geldbuidel. Verdeel geld en documenten over verschillende plaatsen en meer personen. Stop een klein geldbedrag in je portemonnee zodat je niet al je geld kwijt bent als je zakken gerold worden. Laat geen geld of kostbare zaken slingeren in de hotelkamer. Draag foto- en filmapparatuur in een tas of rugzak, en loop niet te koop met sieraden. Maak kopieën van belangrijke reisdocumenten zoals het paspoort, visa, vliegtickets en verzekeringspapieren. Je kunt deze gegevens ook scannen en naar je eigen mailadres sturen zodat je er in elk willekeurig internetcafé over kunt beschikken.

Actuele informatie over de veiligheid in Mali vind je op www.minbuza.nl, de website van het ministerie van Buitenlandse Zaken onder ‘reizen en landen’. Ook op http://diplomatie.belgium.be, de website van het Belgische ministerie van Buitenlandse Zaken vind je nuttige reisadviezen.
 

Winkelen en openingstijden

In Mali zijn winkels en kantoren over het algemeen geopend van maandag tot en met zaterdag van 8.00 tot 12.00 en van 15.00 tot 18.00 uur. Veel winkels en kantoren zijn vrijdag- en zaterdagmiddag gesloten.

Route en andere info

MALI - Sikasso, het groene hart van Mali

Reis code: IRKMLG
Waardering: - Info
Groepsgrootte: 2 - 0

Reisroute
1 Sikasso
2 Sikasso
3 Einde bouwsteen

MALI - Sikasso, het groene hart van MaliMALI - Sikasso, het groene hart van MaliMALI - Sikasso, het groene hart van MaliMALI - Sikasso, het groene hart van MaliMALI - Sikasso, het groene hart van MaliMALI - Sikasso, het groene hart van MaliMALI - Sikasso, het groene hart van Mali
Print: MALI - Sikasso, het groene hart van Mali